Waardering die blijft steken in woorden, laat militairen in de kou staan.
De Tweede Kamer der Staten-Generaal heeft gesproken. In een aangenomen motie wordt expliciet verwezen naar initiatieven zoals Stichting Veteranen TV & Radio. Initiatieven die bijdragen aan erkenning, waardering en verbondenheid van veteranen. Dat was geen toevallige formulering, maar een bewuste erkenning van wat er in de praktijk gebeurt.
In een daaropvolgende Kamerbrief schetst het Ministerie van Defensie positieve ontwikkelingen binnen het veteranenstelsel. Er wordt gesproken over vertrouwen, zorg en waardering. Over het belang daarvan in een tijd van geopolitieke onrust. Woorden die niemand zal bestrijden.
Maar precies daar ontstaat frictie.
Wanneer initiatieven die worden gedragen door militairen, veteranen en het thuisfront zelf bestuurlijk worden geduid als burgerinitiatieven, verdwijnt de kern uit beeld. Alsof het hier gaat om externe betrokkenheid, in plaats van om een gemeenschap die zichzelf organiseert. Alsof militairen pas tellen wanneer zij onderwerp zijn van beleid, en niet wanneer zij zélf initiatief nemen.
Hoe laat je de huidige militair merken dat zijn inzet wordt gewaardeerd, wanneer de plekken waar hij herkenning, steun en verbondenheid vindt, administratief worden gereduceerd tot een abstracte categorie? Hoe overtuig je iemand in uniform dat erkenning meer is dan taal, wanneer bewezen initiatieven verdwijnen achter beleidsmatige algemeenheden?
Stichting Veteranen TV & Radio is geen beleidsconstruct en geen randverschijnsel. Het is een operationeel platform. Vijf jaar lang, 24 uur per dag. Gemaakt door mensen met missies achter de rug, door partners die weten wat wachten betekent, door veteranen die begrijpen dat stilte soms zwaarder weegt dan woorden. Dat is geen “burgerinitiatief”. Dat is de gemeenschap.
Beeldvorming is belangrijk. Maar beeldvorming zonder borging is leeg. Dankbaarheid zonder continuïteit is kwetsbaar. En waardering die niet wordt vertaald naar ruimte voor initiatieven die dit dagelijks waarmaken, verliest geloofwaardigheid. Juist bij de mensen die we vragen om ons land te dienen.
Laat één ding helder zijn: wij zijn strijdvaardig. Niet uit boosheid, maar uit overtuiging. Wij blijven verbinden, zichtbaar maken en ondersteunen omdat het nodig is. Maar strijdvaardigheid betekent ook dat we benoemen waar beleid en werkelijkheid uit elkaar lopen.
Erkenning laat zich niet afhandelen in een slotzin. Vertrouwen ontstaat niet in abstractie. En waardering die blijft steken in woorden, laat uiteindelijk precies die militair in de kou staan die we zeggen zo hard nodig te hebben.
